vrijdag 12 augustus 2011

Mémé's Cake.

Vorige week was ik te gast bij een paar vrienden, Eén van hen, Jos, had voor bij de koffie een heerlijke traktatie klaargemaakt. Het was een mengsel van eieren, suiker, boter, cacao en, heel belangrijk, veel in stukken gebroken biscuitjes. Het scheen officieel Arretjes Cake te heten, maar ik herkende het meteen als Mémé's Cake.

Mijn grootmoeder van vaders kant mochten wij nooit 'oma' of 'grootmoeder' noemen omdat ze dat zo oud vond klinken. Wij noemden haar altijd 'mémé'. Ergens vonden we dat wel interessant, want iedereen op school had wel een oma, maar wie had er nu een mémé?! Mémé leefde in vrij grote welstand en deed nooit iets zelf. Ik vermoed dat ze nog geen ei kon bakken. Maar in één ding had ze zich gespecialiseerd en dat was het maken van een chocoladecake die eigenlijk geen cake mocht heten want er werd niets gebakken. Iedere keer dat ze bij ons op bezoek kwam had ze zo'n cake bij zich en altijd werd zij met veel gejuich ontvangen. Wij prezen haar met z'n allen de hemel in en zij glom dan van trots.

Ons enthousiasme was niet geveinsd; we vonden hem inderdaad heerlijk. Dat de zoete traktatie zo ongeveer alles bevatte wat slecht voor een mens is, suiker, boter, rauwe eieren, deerde nog niemand in de jaren vijftig en zestig.


Ook nu smaakte hij me weer heerlijk. Maar sorry Jos en sorry Arretje...... voor mij blijft die zoete lekkernij toch altijd Mémé's Cake heten.

donderdag 11 augustus 2011

Moe(deloos).

Ik heb het vandaag weer druk gehad. Druk, druk, druk zelfs. Wanneer ik zoiets zeg dan is dat geen loze kreet, dan is dat gewoon zo. Toch zijn de reacties op zo’n uitlating meestal een wat spottende lach of een keiharde ontkenning: ‘Hoe kan jij het nou druk hebben? Je bent met pensioen. Je werkt niet meer. Je hebt toch alle tijd van de wereld.’ Het is bekend dat mensen die nog in het arbeidsproces zitten altijd denken dat mensen met pensioen of zo niets meer omhanden hebben en blij zijn als ze even een brief naar de postbus kunnen brengen, maar tot mijn verbazing zijn er ook mensen die zelf ook al lang niet meer buiten de deur werken en toch ook niet kunnen of willen geloven dat een 65+er het druk, ja zelfs druk, druk, druk kan hebben.

Ik ben zo langzamerhand verschrikkelijk moe geworden van het steeds maar weer moeten uitleggen dat het toch echt waar is: ik hèb het druk, iedere dag weer. Van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. En kom nu niet aan met kulverhalen dat het wel tussen mijn oren zal zitten of dat ik overdrijf. Ik ben de hele dag bezig. Niet altijd met belangrijke, bijzondere of uiterst nuttige zaken, maar wel altijd bezig.
Ik heb veel liefhebberijen en een brede belangstelling. Ik ben creatief en vind het leuk dingen te maken. Ik hou van schrijven en doe dat veel en vaak. Ik heb de fijne kanten van de computer ontdekt en gebruik talloze toepassingen die mij niet alleen plezier bieden, maar ook nog nuttig en handig zijn. Ik onderhoud een paar websites die niet alleen mezelf, maar ook heel veel anderen tot nut zijn. Ik hou van wandelen, winkelen en lezen. Ik ben ook nog een sociaal wezen die contacten onderhoudt met vrienden en familie. En ja…. Ik ben ook nog huisman. Al die dingen, en nog veel meer, zijn te veel om op één dag te doen. Ik moet keuzes maken. Ik moet vroeg opstaan en mezelf aan het eind van de dag met zachte dwang naar bed sturen. Iedere dag heeft, om het zo maar eens te zeggen, voor mij te weinig uren.

Eigenlijk ben ik best blij met deze situatie. Het woord ‘vervelen’ komt in mijn woordenboek niet voor. Ik doe wel eens niks, maar dan is het gewoon even lekker niks. Het lijkt me verschrikkelijk om de hele dag te zitten labbekakken achter de spreekwoordelijke geraniums tot de dag eindelijk weer voorbij is en je van jezelf naar bed mag.

Wat mij soms boos maakt is dat zo veel mensen mij niet gewoon willen geloven, op mijn woord. Ik ben toch geen leugenaar of fantast! Ik ben daar ontzettend moe van geworden. Moedeloos. Ik heb me dan ook voorgenomen nooit meer tegen iemand te zeggen dat ik het druk heb. Ik heb gewoon geen zin meer om steeds weer hun spottende glimlach te moeten weerstaan en hen steeds weer iedere keer te moeten overtuigen. Alleen mensen die zelf ook de dag tot aan de nok toe gevuld hebben geloven en begrijpen mij. Het zij zo. Ik hòef die anderen niet te overtuigen. Ik kan mijn tijd wel beter gebruiken. Misschien krijg ik het dan ook nog eens een ietsje minder druk.

dinsdag 28 juni 2011

Noodweer bij de N.S.

Een paar herfstbladeren op de rails, een klein beetje vorst, een flinke onweersbui, er is niet zo heel veel nodig om het spoorverkeer in Nederland totaal te ontwrichten.

Gisteren was er voor vandaag erg slecht weer voorspeld en de N.S. kondigde al meteen aan dat om die reden de dienstregeling zou worden aangepast. 'O, wat aardig,' denk je dan, 'de N.S. zet wat extra treinen in om er zeker van te zijn dat al haar reizigers, ondanks het vreselijk slechte weer, toch nog op tijd en op een comfortabele wijze naar huis kunnen gaan.' Maar neen. Voor de N.S. betekent dit dat het treinverkeer sterk wordt ingekrompen. Daarmee laat ze dus haar klanten doodleuk in het noodweer op het perron staan.

Maar dan blijkt het ontzettend mee te vallen met dat noodweer. ANWB en KNMI krabbelen terug. 'De N.S. zal nu haar noodplan ook wel intrekken.' denk je dan,'Het is nu immers niet nodig meer. De treinen kunnen dus gewoon weer gaan rijden volgens de normale dienstregeling.' Maar neen, dat ligt niet zo simpel. 'De reizigers zouden daardoor in de war raken,' zegt de N.S. 'Het is beter om een eenmaal genomen besluit maar gewoon te handhaven. Dan weet de reiziger tenminste waar hij aan toe is.'

'Ben ik nu gek?' denk je dan.'Hoeveel aanpassingsvermogen heeft een mens nodig om zich aan te passen aan een normale situatie?????!'

Het is duidelijk: de N.S. projecteert haar eigen onvermogen adequaat in te spelen op een veranderde situatie op haar klant, de reiziger, die zij weer eens, ondanks de bijna tropische hitte van vandaag, doodleuk in de kou laat staan.

maandag 27 juni 2011

Bokma, Bokma, Bokma, Bokma.

De flessen van Bokma zijn robuust en daardoor behoorlijk zwaar. 650 gram leeg en gevuld met water, of met jenever, een kilo zwaarder, 1650 gram oftewel 1,65 kilo. Dat gewicht moest ik in mijn rugtasje meesjouwen gisteren, tijdens mijn wandeling, en ik vond dat niet prettig.

Ik ben nu een zestal weken aan het afvallen en ben in die tijd 6,6 kilo kwijtgeraakt. Dat zijn 6,6:1,65= precies vier volle flessen Bokma! Dat wil dus zeggen dat ik nu tijdens mijn wandelingen het gewicht van vier flessen Bokma minder mee hoef te sjouwen als anderhalve maand geleden. Dan had ik gisteren toch eigenlijk niets te klagen, met die ene fles.




zondag 26 juni 2011

Schat, staat de Bokma koud?

Precies het goede weer voor het maken van een stevige wandeling. Toen ik mijn tas inpakte ontdekte ik dat ik nergens een pet-fles had liggen die ik, met drinkwater gevuld, zou kunnen meenemen. Het enige bruikbare in huis was een lege Bokma-fles die al klaar stond om te worden afgevoerd naar de glasbak. Hoewel die fles van zichzelf al zo'n 650 gram weegt en gevuld met water dus 1650 gram, moest ik hem wel meenemen. Er was geen andere keus.


Voordat ik deze foto maakte heb ik wel zes keer om me heen gekeken of er niemand aan kwam en voordat ik de fles aan de lippen zette wel tien keer.

dinsdag 14 juni 2011

Wandelen met plezier.

Er zijn veel redenen om NIET te gaan wandelen:

- Het zou wel eens kunnen gaan regenen.
- Ik heb er eigenlijk geen tijd voor.
- Ik heb overal pijn in mijn lijf.
- Ik heb niemand die gezellig met me mee wandelt.
- Ik ben al zo moe.
- Ik ben bang voor al die kriebelbeestjes in het bos.
- Ik ben lui geboren en dat gaat nooit meer over.
en zo zou ik er heel gemakkelijk nog wel 20 kunnen verzinnen.

Er is slechts één reden om WEL te gaan wandelen.
- Het is zo ontzettend verschrikkelijk leuk en lekker wanneer je eenmaal bezig bent en voelt dat je bloed weer door je lijf gaat stromen en je weer tot leven komt!

Vandaag de Zes-bergenroute gelopen, langs en over de zes bergen rondom Huizen. De Woensberg, Tafelberg, Trapjesberg, Sijsjesberg, Eukenberg en Aalberg. Een wandeling van 16 km, die wel erg mooi is, maar, omdat hij wat verouderd is, wel wat verbeteringen behoeft. En dat ga ik doen. Ik maak er gewoon een alternatieve zes-bergenroute van.

maandag 13 juni 2011

Weegdag.

Het is vandaag tweede pinksterdag,
Het is vandaag maandag........... maar..... bovenal......
Het is vandaag weegdag!

Dit vereist enige verklaring. Omdat mijn buik zich weer eens ontwikkeld had tot buitensporige proporties ben ik weer eens aan het lijnen gegaan. Wanneer ik bij het naar bed gaan in de spiegel keek dacht ik: 'Wie is in hemelsnaam die rare dikke vent met die afschuwelijke dikke pens, daar in de kamer?'.

Ik doe dat lijnen altijd rigoureus. De drie maaltijden blijf ik gewoon nemen, net als anders, maar daar tussendoor snoep ik niets. En al ik zeg 'niets', dan is dat ook helemaal niets. Geen dropje, geen koekje, geen plak kaas uit de koelkast, geen gelik uit de chocoladepasta-pot. Niets. Een andere manier kan ik niet aan. Het is bij mij alles of niets. Wanneer ik één klein stukje chocola zou nemen dan schieten bij mij de remmen los en eet ik het hele bonbonbloc achter elkaar op. Helemaal!

Vier weken ben ik nu bezig en vooral in het begin vlogen de kilo's er af. Om precies te zijn, bijna zes kilo is er nu af. Omdat je gewicht toch een beetje schommelt moet je niet iedere dag op de weegschaal gaan staan. Beter is één keer per week en altijd op dezelfde tijd. Bij mij is dat op maandag dus. Meteen na het opstaan, na de ochtendplas en schoon aan de haak.

Het viel zowaar niet tegen vanmorgen. Weer een dikke pond, 600 gram er van af. Het gaat dus wat minder snel als in het begin, maar dat is normaal en ik moet tevreden zijn. Ik herken mezelf weer als ik mijn blote lijf in de spiegel bekijk. Ik kan mijn zomerkleren, waar ik kort geleden met geen mogelijkheid nog in paste, weer aan en de lovehandles zijn zo goed als verdwenen. Een klein, goedaardig en aandoenlijk mannenbuikje is nog over. Daar valt mee te leven.

Natuurlijk stopt het hier niet en ga ik gewoon lekker op deze voet verder. De tomeloze vreetpartijen van weleer zijn voorgoed voorbij. Ik zal nu weer heel goed een gebakje kunnen eten op een verjaardag, maar het ongebreidelde snaaien en graaien en schranzen, daar begin ik niet meer aan. De prijs is me te hoog.

Nu de rest van de conditie nog. Ik heb nu een dikke drie jaar, vanaf het begin van de ziekte van Ans, maar wat lopen labberkakken en dat is niet goed. Bewegen moet een mens, en dat ga ik nu weer doen. Ik heb al plannen voor het lopen van het Waterkeringpad, een fraaie route over dijken en door weilanden naar Amsterdam. Niet in één keer hoor. Ik doe het in twee etappes, de eerste naar Muiden, dan neem ik de bus terug, en doe de volgende dag Muiden-Amsterdam.

Daarna begint het echte werk en ga ik meerdaagse wandelingen maken op de Veluwe en zo. Met overnachting bij VodF. Ik ga de nieuwe wandelsokken die ik jaren geleden al heb aangeschaft, nu eindelijk eens uit, nee, niet uit het vet, maar uit de verpakking halen.

Ter voorbereiding heb ik vanmiddag mijn vaste rondje door het bos in de buurt maar weer eens gelopen, dit keer, om in de stemming te komen, met echte wandelschoenen en -sokken aan. Een uur stevig doorstappen. Aan de randen van het bos kom je dan nog wat hondenuitlaters tegen, maar verderop loop je vrijwel alleen. En dat komt goed uit, want ik heb nog al eens de neiging uit volle borst te gaan lopen zingen wanneer ik zo aan het genieten ben en het geluid dat ik dan produceer klinkt eigenlijk maar één iemand aangenaam in de oren.
Mijzelf.

Soms heeft het wel voordelen wanneer je gehoor wat achteruit gaat.

vrijdag 13 mei 2011

Vrijdag de dertiende.

Tekst volgt.

Tekst geplaatst op 13 juni 2011.

Van verschillende kanten werd mij op een ietwat ongeruste toon gevraagd waarom die twee blogjes, deze en de daar aan voorafgaande, maar niet ingevuld werden. Het doet mij deugd dat er toch nog mensen zijn die met een zekere regelmaat deze weblog volgen en ook nog eens bezorgd worden wanneer ik een tijdlang niets publiceer.

De verklaring hiervoor is eenvoudig. Ik heb maar één lijf en een dag duurt helaas maar 24 uur, waarvan ik noodgedwongen ook nog eens een groot deel verslaap. Als ik het één doe, kan ik het andere niet doen.

Ik wilde wat over vrijdag de dertiende schrijven. Volgens velen een ongeluksdag. Onzin natuurlijk. Voor mij is het juist een geluksdag, maar dat is niet zo verwonderlijk, want voor mij is iedere dag een potentiële geluksdag. Het is maar wat je er zelf van maakt.

Omdat ik het juist die dag weer eens ontzettend druk had 'reserveerde' ik voor die dag alvast maar een leeg blogje, met de bedoeling het later nog eens in te vullen. Helaas kwam ik daar ook in de weken daarna niet toe.

En dat over die jonkvrouw? Ook dat komt nog wel eens een keer....

woensdag 11 mei 2011

In memoriam: W.A. Wagenaar


Een paar weken geleden, op 27 april 2011, overleed prof. dr. Willem Albert Wagenaar. Hoewel we wisten dat hij al geruime tijd ernstig ziek was, kwam zijn overlijden toch als een grote schok.

Prof. dr. W.A. Wagenaar bekleedde een groot aantal functies bij verschillende universiteiten. In 2006 ging hij met emeritaat. Collega's en studenten roemden hem om zijn scherzinnigheid en bevlogenheid. Hij was vooral een bijzonder aimabel man, met veel gevoel voor humor. We zagen hem regelmatig op het televisiescherm wanneer hij vanwege zijn grote deskundigheid op het gebied van het menselijk geheugen betrokken was bij de afhandeling van welbekende strafzaken.

In de 'Wereld van de Toverlantaarn' genoot hij vooral bekendheid vanwege de onnavolgbare toverlantaarnvoorstellingen die hij met hulp van wat familieleden regelmatig gaf in het sfeervolle theater dat hij in zijn villa in Zeist had ingericht.


Bij degenen die het voorrecht hadden zo'n voorstelling een keer bij te kunnen wonen liet deze altijd een onvergetelijke indruk achter. Daarnaast was hij een bevlogen verzamelaar van toverlantaarns en aanverwante objecten. In de loop der jaren wist hij een imposante verzameling op te bouwen.

Het is nog even niet te bevatten: Willem Albert is niet meer. In onze herinneringen zal hij nog lang blijven voortleven.

dinsdag 10 mei 2011

Oud Valkeveen.

Oud Valkeveen...... het bestaat al zo lang ik mij kan herinneren. Vroeger, toen ik nog een kind was, was het al een geliefde bestemming voor schoolreisjes. Waarschijnlijk was het toen nog niet veel meer dan een grote speeltuin. Met z'n allen in de bus, luidkeels en eindeloos het lied 'Ik heb een potje met vet' zingend en snoepen tot je er kotsmisselijk van werd. En natuurlijk op de terugreis, wanneer we de straat inreden waar onze school aan lag, allemaal wegkruipen tussen de banken zodat onze ouders een lege bus zouden zien ariveren en zich, zo verwachtten wij, halfdood zouden schrikken.

Zondag waren mijn zoon en vier kleinkinderen op bezoek. Ze zouden naar Oud Valkeveen gaan, hier vlak in de buurt, en vroegen of ik zin had om mee te gaan. 'Waarom niet?' dacht ik. Even later viel ik van de ene verbazing in de andere. Na het passeren van de toegangspoort kwam ik in een andere wereld terecht. De grote speeltuin was uitgegroeid tot een waar pretpark. Hoewel.... zelf noemen ze het een Speelpark en die benaming past meer bij deze kind- en oudersvriendelijke plek. Het park ziet er schoon en zeer overzichtelijk uit. Ouders kunnen gezellig gaan zitten brunchen aan een van de picknicktafels in het centrum of lekker lui aan het strand van het Gooimeer gaan liggen bruinbakken, terwijl de kinderen veilig hun gang kunnen gaan. Alles werkt en bij alle attracties is iemand van de Crew aanwezig die de boel in de gaten houdt.


De kinderen trokken mij mee van atractie naar atractie. Een klimvulkaan, een glijbaan, een schommelvliegtuig, een draaimolen, een bijenmolen, botsauto's, een oldtimerbaan, een pirateneiland, boemeltreintje, trampolines, een kinderboerderij en zelfs een heuse achtbaan. Van de meeste atracties genoot ik alleen als toeschouwer, maar ik fietste wel op de waterfiets over het grote meer, reed mee in een botsautootje dat bestuurd werd door een kleindochter en klom zelfs in een wagentje van de doodenge achtbaan. Ik voelde me weer een dagje lang jong en op schoolreisje. Geweldig, wat een dag!!!

dinsdag 29 maart 2011

Een pad door het riet.

Ik trek mijn wandelschoenen aan
al opgewekt en blij
Ik weet niet waar ik heen zal gaan
de wereld is van mij.


Dat zong ik uit volle borst toen ik vanmorgen opstond en meteen al in de gaten had dat het weer een mooie, zonnige dag zou gaan worden. Een dag om een heerlijke wandeling te gaan maken. Een paar uur later reed ik op de fiets naar Naarden/Bussum, op weg naar het beginpunt van het Laarzenpad, aan de zuidrand van het Naardermeeer. 'Vergeet uw laarzen niet' stond er bij de route vermeld, 'want het kan er flink drassig zijn', maar ik verwachtte dat die laarzen, na zo'n lange periode van droogte, niet nodig zouden zijn en dat klopte ook.

Het is een erg mooie wandelroute. Grootdeels tussen het riet en moerasbosjes door, over smalle bruggetjes, over graskades en weilanden en ook nog langs een tweetal vogelobeservatiehutten met een fraai uitzicht over het Naardermeer en haar populatie.


Er gaan tijdens zo'n wandeling heel wat gedachten door mijn hoofd, maar één steeds terugkerende gedachte is:

'Wie ben ik, dat ik zo van al dat moois mag genieten?!'

donderdag 24 maart 2011

Een pad door een bos.

Door de komst van een tweede Ivan-schilderij moest het 'Een pad door een bos met herder en schapen' dat al vele jaren lang op de plek boven de bank hing, het veld ruimen.


Ik wilde het oneervol afvoeren naar zolder, maar Lucille maakte mij attent op de naam van de schilder, A. Sleeswijk. Wie is dat? Een Gooische schilder? Dat zou gezien het onderwerp niet zo gek geweest zijn. In dat soort gevallen biedt internet meestal uitkomst. Na wat gegoogle werd mijn duidelijk dat die Sleeswijk toch niet zo'n dertien-in-een-dozijn-schilder was geweest als ik verondersteld had. Schilderijen van hem waren voor rond de € 1500 geveild en waren in het bezit van verzamelaars. Er was een schilderij van hem bij Kunst & Kitsch geweest. En... ik vond op een site een schilderij van hem dat opvallende overeenkomsten vertoonde met het mijne. Het mijne was breder en toonde aan weerskanten daardoor meer van het bos. Er waren op dat andere schilderij geen schapen aanwezig, bij mij wel. De plek waar de schilder gestaan had was overduidelijk op beide schilderijen dezelfde. Wat kon dat betekenen? Was het schilderij op de site een voorstudie voor mijn schilderij??? Andersom kon ik mij nauwelijks voorstellen, want de toevoeging van de schaapjes en het verbreedde formaat was een duidelijke verbetering.


Heel bijzonder is de ogenschijnlijk simpele manier waarop Sleeswijk met een paar vluchtige penseelstreken de schapen en herder heeft neergezet.

Ik heb de foto's en verdere gegevens naar een deskundige gestuurd en hoop er gauw wat meer van te horen.

woensdag 23 maart 2011

Toevalskunst?

Bestaat er toeval? Was het toevallig dat ik vorige week naar een lezing over kunst in de bibliotheek ging? Was het toevallig dat na afloop Lucille Willemsen van de Kunstuitleen nog het een en ander vertelde over een schilderij dat, was het toevallig, de dag daarvoor door iemand die het geleend had was teruggebracht?


Terwijl Lucille er nog voor stond zag ik natuurlijk al meteen wie het schilderij achter haar gemaakt had en toen zij een paar passen opzij deed wist ik al meteen zeker: dàt schilderij wil ik bij mij aan de muur. Ik had al een maand of drie geleden een ander schilderij van Ivan Mijatovic geleend.*) Ik was weliswaar van plan dit schilderij over enige tijd te verruilen voor een andere 'Ivan', maar de komst van dit nieuwe schilderij kwam wat te vroeg; ik was nog helemaal niet uitgekeken op het eerste en wilde het nog niet kwijt. Er was natuurlijk nog een andere oplossing: de eerste laten hangen en de tweede er gewoon bij nemen. Het kon immers, vermoedde ik, heel goed boven de bank hangen?!


Gisteren kwam Lucille het 1 meter bij 1 meter grote schilderij persoonlijk brengen. Ik had een bord naast de deur gehangen met de tekst 'WELKOM IN IVANOPOLIS' Met wat feestelijk vertoon werd het schilderij dat daar al hing, een herder met schaapjes, door mij van de muur gehaald en vervolgens hing Lucille de Ivan ervoor in de plaats. Het was meteen goed. niet te hoog en niet te laag en het schilderij kwam op die plek prachtig uit. Ook de combinatie van de twee schilderijen was perfect. Het kijken naar het eerste schilderij stemde mij al heel gelukkig, het zien van beide schilderijen, die elkaar zo goed aanvullen en versterken, geeft mij nu meer dan een dubbel geluksgevoel.

(Machu Picchu. Zie ook mijn blogs van 21, 22, 23 december 2010)

maandag 21 maart 2011

Kwetsen.

Een hele tijd geleden alweer startte ik een tweede webblog en noemde die 'Hencs Vrije Blog'. De bedoeling was daar de stukjes op te plaatsen die mogelijk door sommige lezers als kwetsend zouden konden worden beschouwd. Ik heb nu eenmaal soms nogal uitgesproken meningen en opvattingen op het gebied van politiek, religie, seks en andere min of meer gevoelige zaken en sommigen daarvan zouden anderen kunnen kwetsen. Erg groot is deze tweede weblog niet geworden, want ach...... zo heel veel kwetsende dingen schrijf ik nu ook weer niet. Ik heb daarom het besluit genomen deze weblog te stoppen en de stukjes die er nu op staan geleidelijk over te plaatsen naar mijn 'gewone' blog. Uiteindelijk kan iemand die voelt aankomen dat hij of zij wellicht misschien eventueel gekwetst zou kunnen worden, altijd stoppen met lezen.


Ik hecht er grote waarde aan open en bloot voor mijn opvattingen uit te kunnen komen. Bedenk dat het nimmer mijn bedoeling is wie dan ook onnodig pijn te doen, te beledigen of hoe dan ook te kwetsen. Wanneer dit onverhoopt toch een keer gebeurt, dan betreur ik dat ten zeerste.

zondag 20 maart 2011

Heel vervelend (1)

Mensen die je met een brede glimlach aankijken - zo van: 'wat istie lief hè....' - terwijl hun hond in het bos tegen je aanspringt en met zijn bemodderde poten je nieuwe jas vervuilt.

zaterdag 19 maart 2011

Straatkonijn (4)

De verhouding tussen Gijs, ons straatkonijn, en mij lijkt een ietsje te zijn bekoeld. Omdat ik hem toch wel erg vaak aantrof in mijn voortuintje en zag hoe hij de daar aanwezige planten en struiken wel heel erg lekker scheen te vinden, zag ik mij genoodzaakt zijn maaltijden toch maar eens op een niet al te brute wijze te onderbreken en hem van mijn grondgebied te verjagen. Ik deed dat niet graag, want het is natuurlijk hartstikke leuk hem van zo dichtbij gade te kunnen slaan, maar ik wil toch ook niet straks een kaalgevreten tuin hebben. Dat is mij dat regelmatige, maar toch altijd vrij kortstondige vermaak nu ook weer niet waard.


Hoe maak je een straatkonijn duidelijk dat hij wat mij betreft van harte welkom is in de voortuin van de buren, maar niet op die paar vierkante meter die bij mijn huis horen? Gijs zal het niet begrepen hebben. Hij keek mij in ieder geval heel verwijtend aan toen ik hem met enig handgeklap verjaagde en wanneer ik nu 's morgens de gordijnen open, zie ik hem ook niet meer zitten aan de overkant van de straat.

vrijdag 11 maart 2011

Gelukkig.



Ik prijs mij gelukkig dat ik heb geleerd niet alleen anderen te vergeven, maar ook mijzelf.

donderdag 10 maart 2011

Wat een genot, wat een plezier.

Er zijn natuurlijk heel veel mannen die met plezier en vlijt de huishouding runnen, maar ik behoor daar niet toe. Ik ben daarin niet de enige, want ik zie maar al te vaak om me heen hoe alleenstaande mannen er een zootje van maken en hun huis compleet laten verloederen. Een dikke laag stof op de meubels, het sanitair in een dergelijk vervuilde staat dat je liever klapt dan daar je plas te gaan doen, deurknoppen die te vies zijn om beet te pakken, van die dingen.

Toen ik er bijna drie jaar geleden alleen voor kwam te staan, kon ik in het begin nog wel de discipline opbrengen om alles goed te onderhouden. Ik lag op mijn knieën de badkamertegels te boenen, lapte de ramen en maakte de koelkast schoon. De laatste tijd echter, ik moet het bekennen, werden dergelijke werkzaamheden steeds minder frequent door mij uitgevoerd. De kamer stoffen en zuigen, de was draaien, mijn bed opmaken, dat ging allemaal nog wel, maar al dat schrobben en boenen stelde ik zo lang mogelijk, te lang eigenlijk, uit.

Sinds vanmorgen heb ik voor al die vervelende karweitjes een hulp in de huishouding. Wat een luxe, wat is dat heerlijk! Ik zat lekker ontspannen uitgebreid te kleppen door de telefoon met een vriendin terwijl er boven in de badkamer iemand voor mij aan het werk was. Mijn eerste indruk is dat ik het ontzettend met haar getroffen heb. Ik heb nog wel een beetje last van schuldgevoel; ik ben het niet gewend een ander voor mij te laten werken, maar aan de andere kant geniet ik er van met volle teugen. En aan verveling kom ik echt nog niet toe. Er blijven nog genoeg dingen over om te doen. Leuke dingen.

woensdag 9 maart 2011

Wolluis (2)


Helaas, helaas, ik heb de strijd verloren. De wolluis, een diertje dat je nauwelijks met het blote oog kunt waarnemen, heeft gewonnen. Nu is het natuurlijk wel zo dat zij met zeer velen waren en ik in m'n eentje; dat vijzelt mijn gevoel van eigenwaarde weer wat op. Het was gewoon een ongelijke strijd.

Bijna dagelijks ging ik de witte vlokjes te lijf met een penseel en een kommetje spiritus. Steeds wanneer ik weer wat hoop begon te krijgen dat ze de strijd hadden opgegeven, kwamen ze toch weer terug. Vier orchideeën had ik al in de loop van de tijd weggegooid; vandaag heb ik alle moed verzameld en ook de laatste vier in de kliko gedeponeerd. Best wel pijnlijk, want de orchideeën waren mijn trots. Ze schonken mij een geweldige bloemenpracht, vele jaren lang.

Wat nu? Eerst maar even alles grondig schoonmaken, vensterbank, ramen, gordijnen, en dan, als ik zeker weet dat er zich geen enkele wolluis meer verscholen heeft in een hoekje of gaatje, voorzichtig weer een enkele orchidee aanschaffen. Wanneer dat goed gaat, kunnen er meer volgen. De vensterbank is wel erg kaal geworden.