wanneer mijn vader hem er toen
die avond
een ietsje eerder uitgetrokken had
dan had de schade zich beperkt
tot een paar vlekken in het beddenlaken.
wanneer mijn moeder zich toen op
die avond
wat meer of mindertjes bewogen had
dan was het vast een ander zaadje wel
gelukt als eerste bij het eitje te geraken.
wanneer er voor hen beiden toen
die avond
laat nog een spannend hoorspel*) was geweest
dan hadden zij geen puf gehad meer om zich
zo laat nog in het bed wat te vermaken.
(kortom, als je het zo bekijkt,
dan mag het best een wonder heten dat
ik hier nu ben als het gevolg van toen.
de kans daarop was toch beslist
vele miljoenen malen kleiner dan
het toch al zeer geringe kansje dat je hebt
om ooit een keer de hoofdprijs te gaan winnen
in de bankgiroloterij of dat
saturnus ooit de maan een keertje aan zal raken.)
nou ja,
nu ik dan als gevolg van toen
die avond
hier toch moest zijn zoals ik hier nu ben
dan moet ik maar uit zelfbehoud
er toch nog maar iets leuks van zien te maken.
*) Voor de wat jongere lezertjes: Televisie hadden ze toen nog niet; het amusement kwam uit de radio.
zaterdag 29 september 2012
vrijdag 28 september 2012
Een muzikaal kadootje.
Woensdagavond 26/9. Plaats: Theater De Boerderij, voor deze avond weer even omgedoopt tot Kunstcafé Huizen. De werkgroep die zich bezighoudt met de samenstelling van het programma van deze culturele ontmoetingsavonden heeft het weer goed gedaan.
Na de pauze is het podium voor een tweetal musici van grote klasse. De pianist Rob van Kreeveld, die jarenlang muzikaal leider was van cabaret Pepijn van Paul van Vliet en daar voor hem onder meer de prachtige song 'Meisjes van Dertien' componeerde, en klarinettist Ben Vrauwdeunt, die niet alleen een voortreffelijke klarinettist blijkt te zijn, maar ook op humoristische wijze de nummers aan elkaar kan praten. De zaal luistert ademloos toe wanneer hij op verzoek de chalumeau, een kleine blokfluitachtige voorloper van de klarinet bespeelt. Opvallend is de ongelooflijk lage klank in relatie tot de afmetingen. Wanneer de laatste tonen zijn weggestorven is een uitbundig applaus zijn deel.
Samen vormen zij al vele jaren lang een duo en dat is te merken aan de voortreffelijke manier waarop zij op elkaar inspelen. Heerlijke muziek waar je in wegzakt als in een warm bad. Wat een weelde na alle muzikale droefheid die je dagelijks via tv- en radiokanalen over je heen gestort krijgt. De bagger van de popsterretjes; de Jannen Smit en Gordons. Iedereen die twee akkoorden op een gitaar kan spelen, ondersteund door een synthethische doem-doem-doemmekadaboe uit een drumcomputer, mag zich een Ster noemen. Iedereen lijkt tegenwoordig te zijn vergeten hoe echte muziek klinkt. Zo dus............ zoals dat hier gebracht wordt op dat kleine podium in Huizen.
En dan beklimt de zangeres Ingrid Vliegenthart het podium. Zij vervangt een ziek geworden zangeres en volgens hun zeggen hebben de drie niet eens van te voren gerepeteerd. Dat is nauwelijks te geloven als je hun perfecte samenspel beluistert. Wanneer Ingrid 'I can't give you anything but Love, Baby' zingt dan wordt je daar tegelijkertijd warm en koud van.... wat een stem... wat een timing.... wat een talent.
Het wordt laat. Er gaan al mensen naar huis om de babysit te kunnen ontlasten. De heren musici spelen lekker door. Als de presentator de boel wil afsluiten roep Ben: 'We kunnen best nog wel een paar nummertjes spelen. hoor.' En ze spelen er nog een paar. Wat een avond.... wat een kadootje. Van mij mogen ze de hele nacht nog doorspelen. Heerlijk!
Na de pauze is het podium voor een tweetal musici van grote klasse. De pianist Rob van Kreeveld, die jarenlang muzikaal leider was van cabaret Pepijn van Paul van Vliet en daar voor hem onder meer de prachtige song 'Meisjes van Dertien' componeerde, en klarinettist Ben Vrauwdeunt, die niet alleen een voortreffelijke klarinettist blijkt te zijn, maar ook op humoristische wijze de nummers aan elkaar kan praten. De zaal luistert ademloos toe wanneer hij op verzoek de chalumeau, een kleine blokfluitachtige voorloper van de klarinet bespeelt. Opvallend is de ongelooflijk lage klank in relatie tot de afmetingen. Wanneer de laatste tonen zijn weggestorven is een uitbundig applaus zijn deel.
Samen vormen zij al vele jaren lang een duo en dat is te merken aan de voortreffelijke manier waarop zij op elkaar inspelen. Heerlijke muziek waar je in wegzakt als in een warm bad. Wat een weelde na alle muzikale droefheid die je dagelijks via tv- en radiokanalen over je heen gestort krijgt. De bagger van de popsterretjes; de Jannen Smit en Gordons. Iedereen die twee akkoorden op een gitaar kan spelen, ondersteund door een synthethische doem-doem-doemmekadaboe uit een drumcomputer, mag zich een Ster noemen. Iedereen lijkt tegenwoordig te zijn vergeten hoe echte muziek klinkt. Zo dus............ zoals dat hier gebracht wordt op dat kleine podium in Huizen.
![]() |
| Foto: Facebook. |
Het wordt laat. Er gaan al mensen naar huis om de babysit te kunnen ontlasten. De heren musici spelen lekker door. Als de presentator de boel wil afsluiten roep Ben: 'We kunnen best nog wel een paar nummertjes spelen. hoor.' En ze spelen er nog een paar. Wat een avond.... wat een kadootje. Van mij mogen ze de hele nacht nog doorspelen. Heerlijk!
dinsdag 25 september 2012
Zo gek nog niet.
Na een tweetal boeken van Maarten 't Hart waarin het Christelijke geloof tot in de kleinste details onderuit gehaald wordt, vond ik het tijd worden voor het lezen van een boek waarin ook, ja juist, de positieve kanten van religie werden genoemd. 'Religie voor Atheïsten' was de intrigerende titel op de omslag. Ik hou nu eenmaal van een zeker evenwicht in mijn leven en bekijk als humanist en vrijdenker allerlei beweringen in de eerste plaats kritisch en bovendien van tenminste twee kanten.
Helaas viel het laatstgenoemde boek mij tegen. Na een aardige start, waarin ook bijvoorbeeld het Joodse geloof en de Islam belicht worden, richt Alain de Botton zich verder nog maar vrijwel geheel op de goede kanten van het Christelijke, en daarin dan weer voornamelijk op die van het Rooms Katholieke, geloof.
Komend uit een Protestants nest heb ik altijd een beetje vreemd tegen het Rooms-Katholicisme aangekeken. Al die overdaad in de kerkgebouwen, al die poespas met mannen in lange jurken en vooral al die beelden van zogenaamde heiligen.... moest dat nou allemaal zo nodig? Na de uitleg van De Botton ben ik dat alles wel wat beter gaan begrijpen. De Mariafiguur bijvoorbeeld. Zoeken wij niet allemaal wel eens in ons leven naar een moederfiguur bij wie we weer als een kind in de armen kunnen liggen? De afbeeldingen van het lijden van Jezus. Is het niet goed om, als je je eens niet zo lekker voelt, langs de 14 Kruiswegstaties in een kerk te kunnen lopen en dan te bedenken: 'Ach, zo rot heb ik het nou toch ook weer niet.'?
Eén van de meest opmerkelijke gedeeltes in het boek vond ik dit (aangaande heiligenbeelden):
Bovendien is het volgens het katholicisme nuttig om driedimensionale miniatuurversies van onze ideale vrienden bij ons in huis te kunnen zien. We moeten niet vergeten dat de meesten van ons in onze eerste levensjaren koesterende relaties hadden met beren en andere beesten, waartegen we konden praten en die zich op hun beurt stilzwijgend tot ons richtten. Hoewel ze niet bewogen, waren deze dieren er toch bedreven in met hun troostrijke en inspirerende persoonlijkheden tot ons door te dringen. We spraken tegen ze wanneer we verdrietig waren en voelden ons getroost wanneer we zagen hoe ze aan de andere kant van de slaapkamer stoïcijns namens ons de nacht uitzaten.
Toen bedacht ik opeens: 'Verrek..... ik heb ook zo'n 'teddybeer'!' In de hoek van mijn huiskamer staat het beeld van een mediterende Boeddhistische monnik. Ik ben blij dat hij daar iedere morgen weer zit en streel hem soms als een eerbiedige liefkozing over zijn gladde, kale schedel. Ik vraag hem dagelijks om raad en levenslessen in de vorm van een bedrukt kartonnen kaartje. 'Wat gisteren waar was, hoeft dat vandaag niet te zijn.' was zijn boodschap van vandaag. Gisteren vond ik al dat heiligenbeeldengedoe nog een tikje belachelijk. Nu besef ik dat het verschijnsel zo gek nog niet is.
Helaas viel het laatstgenoemde boek mij tegen. Na een aardige start, waarin ook bijvoorbeeld het Joodse geloof en de Islam belicht worden, richt Alain de Botton zich verder nog maar vrijwel geheel op de goede kanten van het Christelijke, en daarin dan weer voornamelijk op die van het Rooms Katholieke, geloof.
Komend uit een Protestants nest heb ik altijd een beetje vreemd tegen het Rooms-Katholicisme aangekeken. Al die overdaad in de kerkgebouwen, al die poespas met mannen in lange jurken en vooral al die beelden van zogenaamde heiligen.... moest dat nou allemaal zo nodig? Na de uitleg van De Botton ben ik dat alles wel wat beter gaan begrijpen. De Mariafiguur bijvoorbeeld. Zoeken wij niet allemaal wel eens in ons leven naar een moederfiguur bij wie we weer als een kind in de armen kunnen liggen? De afbeeldingen van het lijden van Jezus. Is het niet goed om, als je je eens niet zo lekker voelt, langs de 14 Kruiswegstaties in een kerk te kunnen lopen en dan te bedenken: 'Ach, zo rot heb ik het nou toch ook weer niet.'?
Eén van de meest opmerkelijke gedeeltes in het boek vond ik dit (aangaande heiligenbeelden):
Bovendien is het volgens het katholicisme nuttig om driedimensionale miniatuurversies van onze ideale vrienden bij ons in huis te kunnen zien. We moeten niet vergeten dat de meesten van ons in onze eerste levensjaren koesterende relaties hadden met beren en andere beesten, waartegen we konden praten en die zich op hun beurt stilzwijgend tot ons richtten. Hoewel ze niet bewogen, waren deze dieren er toch bedreven in met hun troostrijke en inspirerende persoonlijkheden tot ons door te dringen. We spraken tegen ze wanneer we verdrietig waren en voelden ons getroost wanneer we zagen hoe ze aan de andere kant van de slaapkamer stoïcijns namens ons de nacht uitzaten.
Toen bedacht ik opeens: 'Verrek..... ik heb ook zo'n 'teddybeer'!' In de hoek van mijn huiskamer staat het beeld van een mediterende Boeddhistische monnik. Ik ben blij dat hij daar iedere morgen weer zit en streel hem soms als een eerbiedige liefkozing over zijn gladde, kale schedel. Ik vraag hem dagelijks om raad en levenslessen in de vorm van een bedrukt kartonnen kaartje. 'Wat gisteren waar was, hoeft dat vandaag niet te zijn.' was zijn boodschap van vandaag. Gisteren vond ik al dat heiligenbeeldengedoe nog een tikje belachelijk. Nu besef ik dat het verschijnsel zo gek nog niet is.
maandag 24 september 2012
La Route Creative.
Het afgelopen weekend vond in Huizen La Route Creative plaats, een nieuwe kunstroute waarbij een kleine twintig enthousiaste kunstenaars hun werk tentoonstelden. Ik ben gek op dat soort gebeurtenissen. Het is zo ontzettend fijn om kennis te maken met kunst. Om je te laten verrassen; om je in weg te laten zakken. Je komt op zo'n route van alles tegen... veel moois en ook veel dat je minder kunt waarderen. Maar wat is mooi? Je wordt gewoon door het ene schilderij of beeldhouwwerk meer geraakt dan door het andere.
De eerste schilderes bij wie ik op bezoek ging was Janine Boot. Haar werk dat aan de muren hing sprak me direct aan. Het is natuurlijk in de eerste plaats ongelovelijk knap geschilderd. Laag over laag brengt zij de olieverf aan op het linnen, monochroom of met een zorgvuldig bij het karakter uitgezocht kleurgebruik. Toevoegingen als abstracte vormen en symboliek versterken het geportretteerde karakter. Daarnaast gaat er ook iets van haar schilderwerk uit.... iets dat herkenning oproept, iets dat je een spiegel voorhoudt.
Momenteel portretteert Janine een achttal archetypen aan de hand van 11 sterren en planeten. Ieder portret is een weerspiegeling van het temperament en de mystieke krachten die bij dat hemellichaam horen. De elegante kragen en kapsels van de, steeds vrouwelijke, typen geven haar werk iets tijdloos. Zij haalt inhoudelijk haar inspiratie uit de mythologie, psychologie, astrologie, kosmologie en morfologie. Het heeft 'een hoog Happinez-gehalte' zoals ik het samenvatte, zij noemt het magisch realistisch.
Het was zaterdagochtend het eerste adres dat ik bezocht en zondagmiddag ging ik tegen het einde van het kunstweekend nogmaals even bij haar langs om nog een kwartiertje te kunnen genieten van haar schitterende creaties, en........ laat ik eerlijk zijn..... van haar eigen schoonheid, want Janine is een prachtige vrouw. En daarmee werd voor mij, een klein beetje magisch realistisch, de cirkel gesloten.
De eerste schilderes bij wie ik op bezoek ging was Janine Boot. Haar werk dat aan de muren hing sprak me direct aan. Het is natuurlijk in de eerste plaats ongelovelijk knap geschilderd. Laag over laag brengt zij de olieverf aan op het linnen, monochroom of met een zorgvuldig bij het karakter uitgezocht kleurgebruik. Toevoegingen als abstracte vormen en symboliek versterken het geportretteerde karakter. Daarnaast gaat er ook iets van haar schilderwerk uit.... iets dat herkenning oproept, iets dat je een spiegel voorhoudt.
Momenteel portretteert Janine een achttal archetypen aan de hand van 11 sterren en planeten. Ieder portret is een weerspiegeling van het temperament en de mystieke krachten die bij dat hemellichaam horen. De elegante kragen en kapsels van de, steeds vrouwelijke, typen geven haar werk iets tijdloos. Zij haalt inhoudelijk haar inspiratie uit de mythologie, psychologie, astrologie, kosmologie en morfologie. Het heeft 'een hoog Happinez-gehalte' zoals ik het samenvatte, zij noemt het magisch realistisch.
![]() |
| Pluto. Pluto zorgt voor de dwang tot transformatie. Pluto daagt je uit om oude gewoonten en dingen los te laten om een nieuwe fase in te kunnen gaan. |
Het was zaterdagochtend het eerste adres dat ik bezocht en zondagmiddag ging ik tegen het einde van het kunstweekend nogmaals even bij haar langs om nog een kwartiertje te kunnen genieten van haar schitterende creaties, en........ laat ik eerlijk zijn..... van haar eigen schoonheid, want Janine is een prachtige vrouw. En daarmee werd voor mij, een klein beetje magisch realistisch, de cirkel gesloten.
zaterdag 15 september 2012
Aangrijpend zwart-wit.
Soms kom je zomaar, ergens in een krant, in een tijdschrift, een foto tegen die je aangrijpt.
Een groep jongens van, hoe oud zullen ze zijn? Een jaar of tien, twaalf, enkelen wat ouder. Bij geen van hen speelt er ook maar een spoor van een glimlach om de lippen. Het zijn ongetwijfeld bleekneusjes, want veel daglicht krijgen ze niet te zien, maar dat wordt verborgen door het vettig zwarte laagje dat hun gezichten bedekt. Gezichten waaruit alle hoop op betere tijden is verdwenen. Gezichten die je nooit meer vergeet. Jongens die kolen hakken bij een mijn in Pennsylvania. 1909.

Vanaf vandaag toont het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam een deel van het oeuvre van de sociaal bewogen fotograaf Lewis Hine die een eeuw geleden de harde leefomstandigheden in New York vastlegde.
Hij maakte zijn foto's op Ellis Island, de toegangspoort tot Amerika voor miljoenen Europese emigranten, en glipte de mijnen en fabrieken in om daar, meestal tegen de zin van de eigenaren, kinderen te fotograferen die voor een grijpstuiver in treurige omstandigheden moesten werken. Indringende portretten in zwart-wit zijn het geworden, aanklachten tegen miserabele leefomstandigheden.
De foto's zijn daar tot en met 6 januari te zien.
Een groep jongens van, hoe oud zullen ze zijn? Een jaar of tien, twaalf, enkelen wat ouder. Bij geen van hen speelt er ook maar een spoor van een glimlach om de lippen. Het zijn ongetwijfeld bleekneusjes, want veel daglicht krijgen ze niet te zien, maar dat wordt verborgen door het vettig zwarte laagje dat hun gezichten bedekt. Gezichten waaruit alle hoop op betere tijden is verdwenen. Gezichten die je nooit meer vergeet. Jongens die kolen hakken bij een mijn in Pennsylvania. 1909.

Vanaf vandaag toont het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam een deel van het oeuvre van de sociaal bewogen fotograaf Lewis Hine die een eeuw geleden de harde leefomstandigheden in New York vastlegde.
Hij maakte zijn foto's op Ellis Island, de toegangspoort tot Amerika voor miljoenen Europese emigranten, en glipte de mijnen en fabrieken in om daar, meestal tegen de zin van de eigenaren, kinderen te fotograferen die voor een grijpstuiver in treurige omstandigheden moesten werken. Indringende portretten in zwart-wit zijn het geworden, aanklachten tegen miserabele leefomstandigheden.
De foto's zijn daar tot en met 6 januari te zien.
vrijdag 14 september 2012
Toverlantaarn of...........?
Een alleraardigste mevrouw uit Zevenhuizen (Gr.) bood mij een aantal toverlantaarnplaatjes aan. Gratis. Natuurlijk mailde ik haar terug dat ik die plaatjes graag wilde hebben, dat de reis naar Zevenhuizen per Openbaar Vervoer wat bezwaarlijk voor mij was en of zij ze wilde opsturen. Dat was prima. Er ontstond een geanimeerde mailwisseling waarin zij op een gegeven moment mededeelde dat zij ook nog een toverlantaarn had gevonden en of ik die ook wilde hebben. 'Alleen' schreef ze, 'heb ik de indruk dat de filter ontbreekt.' Een filter in een toverlantaarn??? Ik vroeg haar of ze wel zeker wist dat het een toverlantaarn was en niet een koffiezetapparaat. Dat 'koffiezetapparaat' bleef daarna als een rode draad door de daarop volgende e-mails lopen. We maakten er talloze grappen over.
Toen het pakket bij mij werd afgeleverd werd mijn vermoeden bewaarheid. Dat 'filter' was natuurlijk de lens die ontbrak. Heel jammer, want op die manier zou hij natuurlijk nooit kunnen projecteren. Voortbordurend op onze grappen maakte ik nog even snel een foto die ik haar toestuurde om te laten zien dat het apparaat prima werkte.
Toen het pakket bij mij werd afgeleverd werd mijn vermoeden bewaarheid. Dat 'filter' was natuurlijk de lens die ontbrak. Heel jammer, want op die manier zou hij natuurlijk nooit kunnen projecteren. Voortbordurend op onze grappen maakte ik nog even snel een foto die ik haar toestuurde om te laten zien dat het apparaat prima werkte.
De lantaarn was een beetje een teleurstelling dus, maar de plaatjes die er bij zaten maakten alles weer goed. Leuke, lieflijke lantaarnplaatjes voor een kinderlantaarn in een overwegend uitstekende staat. Zomaar aangeboden door een alleraardigste mevrouw uit Zevenhuizen. Het zijn vaak de kleinste dingen die mij blij en gelukkig maken.
dinsdag 4 september 2012
Mijn Elektrieke (2)
..... en vandaag ben ik een hele tijd achter een man op een racefiets blijven hangen omdat ik het zo zielig voor hem vond ingehaald te worden door een oude man op een damesfiets.
maandag 3 september 2012
Mijn Elektrieke.
Drie echte ritten heb ik inmiddels gemaakt op mijn nieuwe fiets, 'de elektrieke', en ik kan niet anders zeggen dan dat ik, ondanks alle bezwaren, vooroordelen en weerstanden die ik tot nu toe had, nog geen seconde spijt heb gehad van mijn aankoop. Het fietsen op zo'n ding is in één woord gezegd, een genot.
Met zo'n elektrieke is het zo heel anders rijden dan als op een gewone fiets. Vroeger raakte ik soms ergens halverwege een lange tocht in paniek en dacht.... ohhhhh, we moeten nog zo vreselijk ver rijden en ik ben al zo moe. Nu maakt het me niks meer uit. Dat motortje brengt me wel thuis. Een wegomleiding was vaak een flinke onverwachte extra belasting. Nu lach ik er om; wat maken die paar extra kilometertjes nou uit? Zie ik een wegwijzer met een plaatsje dat me wel wat lijkt.... ik gooi gewoon het stuur om en breid m'n tocht uit met een kilometer of tien. Geen probleem, motortje brengt me wel weer thuis. Ik stap op de fiets zonder vooropgezet plan en improviseer voortdurend. Ga waar het me leuk lijkt.
Gisteren voor het eerst de accu opgeladen. De eerste keren moet je hem helemaal leeg rijden, zeiden ze in de fietsenwinkel, dus dat heb ik maar gedaan. De accu deed er wel zo'n 95 km over voordat hij in die toestand was. Ik heb uitsluitend in de Standaardmode gereden. In de Ecomode haalt hij waarschijnlijk nog meer kilometers. En dan zegt het instructieboekje: - In het begin kan de actieradius wat tegenvallen. Pas na een keer of 5 opladen is de accu op zijn volle conditie. - Nou, 95 km vindt ik al heel mooi voor een dagtrip. Valt me echt niet tegen.
Vandaag trok ik er weer op uit met een boordevolle accu, zonder vast plan. Eerst door de polder van Eemnes, de plek waarover Hans Dorrestijn ooit dichtte:
De wereld is een schepping van de duivel, van Mefistofeles
Het bewijs voor deze stelling is de polder van Eemnes.
Ach, Dorrestijn is, zoals we allemaal weten, een cabaretier met een zeer zwartgallige stijl en natuurlijk heeft hij ongelijk. De polder met zijn uitgestrekte weiden, idyllische sluisjes en kronkelige paadjes langs de Eem kent talloze schitterende plekken.
Met de pont over de Eem en dan richting Spakenburg/Bunschoten. Via een mooie weg die ik tot nu toe altijd heb laten liggen omdat het zo'n stuk om was. Nu konden die extra kilometers me niets schelen. In Spakenburg wilde ik het fietspad op langs het Eemmeer. Dat bleek te zijn afgesloten. Een wegomleiding, nog verdwaald ook, veel extra kilometertjes voordat ik weer op het pad was, ik lachte erom.
De brug bij Nijkerk naar de Flevopolder nam ik met gemak met zo'n 25 km/uur. Dan over het fietspad langs het water weer terug richting huis. Nog even aangelegd bij het Laakse Strand. Kleertjes uit, bammetje gegeten in de zon. Dat is vrijheid, dat is genieten!
Met zo'n elektrieke is het zo heel anders rijden dan als op een gewone fiets. Vroeger raakte ik soms ergens halverwege een lange tocht in paniek en dacht.... ohhhhh, we moeten nog zo vreselijk ver rijden en ik ben al zo moe. Nu maakt het me niks meer uit. Dat motortje brengt me wel thuis. Een wegomleiding was vaak een flinke onverwachte extra belasting. Nu lach ik er om; wat maken die paar extra kilometertjes nou uit? Zie ik een wegwijzer met een plaatsje dat me wel wat lijkt.... ik gooi gewoon het stuur om en breid m'n tocht uit met een kilometer of tien. Geen probleem, motortje brengt me wel weer thuis. Ik stap op de fiets zonder vooropgezet plan en improviseer voortdurend. Ga waar het me leuk lijkt.
Gisteren voor het eerst de accu opgeladen. De eerste keren moet je hem helemaal leeg rijden, zeiden ze in de fietsenwinkel, dus dat heb ik maar gedaan. De accu deed er wel zo'n 95 km over voordat hij in die toestand was. Ik heb uitsluitend in de Standaardmode gereden. In de Ecomode haalt hij waarschijnlijk nog meer kilometers. En dan zegt het instructieboekje: - In het begin kan de actieradius wat tegenvallen. Pas na een keer of 5 opladen is de accu op zijn volle conditie. - Nou, 95 km vindt ik al heel mooi voor een dagtrip. Valt me echt niet tegen.
Vandaag trok ik er weer op uit met een boordevolle accu, zonder vast plan. Eerst door de polder van Eemnes, de plek waarover Hans Dorrestijn ooit dichtte:
De wereld is een schepping van de duivel, van Mefistofeles
Het bewijs voor deze stelling is de polder van Eemnes.
Ach, Dorrestijn is, zoals we allemaal weten, een cabaretier met een zeer zwartgallige stijl en natuurlijk heeft hij ongelijk. De polder met zijn uitgestrekte weiden, idyllische sluisjes en kronkelige paadjes langs de Eem kent talloze schitterende plekken.
Met de pont over de Eem en dan richting Spakenburg/Bunschoten. Via een mooie weg die ik tot nu toe altijd heb laten liggen omdat het zo'n stuk om was. Nu konden die extra kilometers me niets schelen. In Spakenburg wilde ik het fietspad op langs het Eemmeer. Dat bleek te zijn afgesloten. Een wegomleiding, nog verdwaald ook, veel extra kilometertjes voordat ik weer op het pad was, ik lachte erom.
De brug bij Nijkerk naar de Flevopolder nam ik met gemak met zo'n 25 km/uur. Dan over het fietspad langs het water weer terug richting huis. Nog even aangelegd bij het Laakse Strand. Kleertjes uit, bammetje gegeten in de zon. Dat is vrijheid, dat is genieten!
vrijdag 24 augustus 2012
Over op elektrisch.
Elektrische fietsen vielen voor mij tot voor kort in de categorie van hoorapparaten, contactlenzen, kunstgebitten, pruiken, metalen heupen, rollators en elastieken kousen. Allemaal prachtige en nuttige hulpmiddelen, daar niet van, maar dan wel voor anderen en niet voor mij. De krasse knarren die mij op het fietspad voorbij zoefden werden door mij met een mengeling van spot en misprijzen bekeken wanneer ik zag dat de energie die hun fiets zo snel deed voortbewegen niet uit hun kuiten kwam, maar uit een zilverkleurige doos op de achterbagagedrager. 'Ja, zo kan ik het ook!'
Van fietsen word je soms behoorlijk moe en je krijgt er soms pijn van in je benen, maar wat geeft dat? Na afloop wil je toch kunnen voelen dat je een flink eind gefietst hebt en die vermoeidheid en pijntjes wegen niet op tegen het enorme plezier dat fietsen je kan geven. Beter dan met je luie gat in een auto zitten. Een auto is een transportmiddel en een fiets is een genotmiddel; zo is het toch?
Maar helaas, met het klimmen der jaren zie ik ieder jaar de curve van mijn fysieke omstandigheden met een omgekeerd evenredige kromme richting nullijn gaan. Het maken van wat langere fietstochten gaat mij steeds moeilijker af. Ik krijg steeds meer moeite met de heuvels en tegenwind die ik op mijn (fiets)pad ontmoet en besef dat ik, wanneer ik nog een tijdje zou willen kunnen blijven genieten van het fietsen, en dat wil ik, er niet meer onderuit kan over te schakelen op elektrisch. Ik heb de strijd opgegeven.
Een proefrit maken dus. Ik moest toegeven dat het een stuk gemakkelijker fietst met zo'n motortje. De heuvels die mij al vaak bijna dwongen af te stappen, nam ik nu moeiteloos. Maar die eerste fiets die ik testte was erg duur en bovendien, hoe kun je een keuze maken wanneer je de andere niet geprobeerd hebt?! Dus winkel in, winkel uit, de verkooppraatjes aanhoren, weer een testrit maken, folders doorbladeren en dan, wanneer je eindelijk een keus hebt kunnen maken, ontdekken dat de fiets van je keuze niet te leveren is of sterk wordt afgeraden door andere verkopers die natuurlijk wel net dat merk en die fiets verkopen die dan wel ideaal voor mij zou zijn. Dodelijk vermoeiend en zeer verwarrend allemaal.
En dan.... ja dan kom je zoals het zo vaak gaat toch weer uit op de eerste keuze. Het enige dat me tegen hield was het prijskaartje dat er aan hing, maar ik wist wel dat ik, wanneer ik deze fiets niet zou kopen, steeds met het idee zou rondrijden dat het op een tweede keus was. Dan maar wat dieper in de buidel getast.
De fiets is besteld en nu moet ik nog een aantal nachtjes slapen voordat ik er op kan rijden. In het begin zal ik vast nog wel met enige weemoed naar al die krasse knarren kijken die het nog zonder motortje doen. Ik passeer ze moeiteloos en in mijn rug voel ik hun misprijzende blikken. 'Ja, zo kan ik het ook!'
Van fietsen word je soms behoorlijk moe en je krijgt er soms pijn van in je benen, maar wat geeft dat? Na afloop wil je toch kunnen voelen dat je een flink eind gefietst hebt en die vermoeidheid en pijntjes wegen niet op tegen het enorme plezier dat fietsen je kan geven. Beter dan met je luie gat in een auto zitten. Een auto is een transportmiddel en een fiets is een genotmiddel; zo is het toch?
Maar helaas, met het klimmen der jaren zie ik ieder jaar de curve van mijn fysieke omstandigheden met een omgekeerd evenredige kromme richting nullijn gaan. Het maken van wat langere fietstochten gaat mij steeds moeilijker af. Ik krijg steeds meer moeite met de heuvels en tegenwind die ik op mijn (fiets)pad ontmoet en besef dat ik, wanneer ik nog een tijdje zou willen kunnen blijven genieten van het fietsen, en dat wil ik, er niet meer onderuit kan over te schakelen op elektrisch. Ik heb de strijd opgegeven.
Een proefrit maken dus. Ik moest toegeven dat het een stuk gemakkelijker fietst met zo'n motortje. De heuvels die mij al vaak bijna dwongen af te stappen, nam ik nu moeiteloos. Maar die eerste fiets die ik testte was erg duur en bovendien, hoe kun je een keuze maken wanneer je de andere niet geprobeerd hebt?! Dus winkel in, winkel uit, de verkooppraatjes aanhoren, weer een testrit maken, folders doorbladeren en dan, wanneer je eindelijk een keus hebt kunnen maken, ontdekken dat de fiets van je keuze niet te leveren is of sterk wordt afgeraden door andere verkopers die natuurlijk wel net dat merk en die fiets verkopen die dan wel ideaal voor mij zou zijn. Dodelijk vermoeiend en zeer verwarrend allemaal.
En dan.... ja dan kom je zoals het zo vaak gaat toch weer uit op de eerste keuze. Het enige dat me tegen hield was het prijskaartje dat er aan hing, maar ik wist wel dat ik, wanneer ik deze fiets niet zou kopen, steeds met het idee zou rondrijden dat het op een tweede keus was. Dan maar wat dieper in de buidel getast.
De fiets is besteld en nu moet ik nog een aantal nachtjes slapen voordat ik er op kan rijden. In het begin zal ik vast nog wel met enige weemoed naar al die krasse knarren kijken die het nog zonder motortje doen. Ik passeer ze moeiteloos en in mijn rug voel ik hun misprijzende blikken. 'Ja, zo kan ik het ook!'
woensdag 8 augustus 2012
Swappen.
Iedere bezitter van een tablet (zo'n schootcomputer die alleen maar uit een beeldscherm bestaat) zal wel eens Wordfeud hebben gespeeld. Eigenlijk is het gewoon Scrabble met een paar aangepaste spelregels. Ik speel het graag samen met mijn zus.
Meestal win ik het spel en volgens haar komt dat doordat zij altijd de 'rotletters' krijgt. 'Ja, dat zeggen ze allemaal', geef ik dan als antwoord. 'Als je echt allemaal rotletters hebt dan moet je gewoon een keer swappen (omruilen)' geef ik als advies.
Gisteren deed ze dat en ruilde al haar 'rotletters' om. En wat kreeg ze er voor terug?????
Meestal win ik het spel en volgens haar komt dat doordat zij altijd de 'rotletters' krijgt. 'Ja, dat zeggen ze allemaal', geef ik dan als antwoord. 'Als je echt allemaal rotletters hebt dan moet je gewoon een keer swappen (omruilen)' geef ik als advies.
Gisteren deed ze dat en ruilde al haar 'rotletters' om. En wat kreeg ze er voor terug?????
zondag 5 augustus 2012
woensdag 1 augustus 2012
Een Maatje minder.
Nog geen twee weken geleden schreef ik een blogje over mijn vrienden, 'De beste Maatjes'. Ik eindigde het stukje met: 'Ik ben een rijk man met al die Maatjes en dat besef ik. Zij zijn mij zeer dierbaar, zij zijn mij lief'.
Dat het hebben van vrienden niet alleen een rijk bezit, maar ook een zeer kwetsbaar bezit is, daar kwam ik vandaag weer achter. Van de ene op de andere dag had ik één Maatje minder. Een vriend verliezen doet pijn. Ik herinner mij nu nog hoe ik als jongen, ik zat in de laatste klas van de Lagere School, bevriend was met een klasgenoot die mij, totaal onverwacht en zonder opgave van reden, mededeelde dat hij geen vriend meer met mij wilde zijn. Ik was daar helemaal kapot van. Hoe kon dat nu? Vriendschap heb je toch voor het leven?
Inmiddels heb ik flink wat eelt op mijn ziel gekregen en ik ben er in de bijna zeven decennia dat ik nu leef wel achter gekomen dat vriendschap, en zeker vriendschap voor het leven, een illusie is. Ik ben er nu niet meer kapot van, maar het verdriet om zo'n verlies voel ik nog steeds.
Dat het hebben van vrienden niet alleen een rijk bezit, maar ook een zeer kwetsbaar bezit is, daar kwam ik vandaag weer achter. Van de ene op de andere dag had ik één Maatje minder. Een vriend verliezen doet pijn. Ik herinner mij nu nog hoe ik als jongen, ik zat in de laatste klas van de Lagere School, bevriend was met een klasgenoot die mij, totaal onverwacht en zonder opgave van reden, mededeelde dat hij geen vriend meer met mij wilde zijn. Ik was daar helemaal kapot van. Hoe kon dat nu? Vriendschap heb je toch voor het leven?
Inmiddels heb ik flink wat eelt op mijn ziel gekregen en ik ben er in de bijna zeven decennia dat ik nu leef wel achter gekomen dat vriendschap, en zeker vriendschap voor het leven, een illusie is. Ik ben er nu niet meer kapot van, maar het verdriet om zo'n verlies voel ik nog steeds.
vrijdag 27 juli 2012
Het 'huis in Domburg'.
Toen Beweegmaatje mij uitnodigde voor een weekje vakantie in een 'huis in Domburg' ging er meteen een lampje bij me branden. Vroeger, als kind, hoorde ik mijn oom en tante vaak over het 'huis in Domburg' praten. Het was een familiehuis waar zij vaak de vakanties doorbrachten. Misschien zou ik dat huis daar nog te zien krijgen, maar ja.... er zijn natuurlijk heel veel huizen in Domburg.
Wie schetst mijn verbazing toen mijn neef, nadat ik hem mijn vakantieadres had gemaild, meteen reageerde met 'jullie gaan naar ons vroegere familiehuis'. Het was bijna niet te geloven. Van al die huizen in Domburg gingen wij uitgerekend naar het huis waar mijn neef als kind zo vaak gelogeerd had en, zoals hij zei, heel wat voetstappen had liggen. Het was dan ook een heel vreemde ervaring toen ik daar voor de deur stond. Zo heeft ook mijn familie daar vele jaren geleden gestaan. De hal leek niet veel veranderd. Alles was groot en ruim. De schuifdeuren tussen de twee grote zitkamers waren nog aanwezig. De tegeltjes in de keuken en wc waren zonder twijfel dezelfde die zij daar ooit zagen. Zelfs delen van het meubilair konden nog door hen zijn achtergelaten. Het enige dat zij beslist niet hadden gezien waren de zonnepanelen op het dak.
We troffen het bijzonder met het weer en hebben dan ook vaak in de geweldig grote tuin kunnen zitten. Wanneer wij de behoefte hadden even lekker alleen te zijn dan bood het huis daar genoeg ruimte voor. Je hoefde maar de weg over te steken om via smalle bospaadjes naar het strand of naar het dorp te kunnen wandelen. In de omgeving was het schitterende natuurgebied 'Oranjezon' waar we verschillende wandelroutes hebben gevolgd. Een bezoek aan het nabijgelegen Veere was ook beslist de moeite waard. Kortom.... het was helemaal vakantie!
Wie schetst mijn verbazing toen mijn neef, nadat ik hem mijn vakantieadres had gemaild, meteen reageerde met 'jullie gaan naar ons vroegere familiehuis'. Het was bijna niet te geloven. Van al die huizen in Domburg gingen wij uitgerekend naar het huis waar mijn neef als kind zo vaak gelogeerd had en, zoals hij zei, heel wat voetstappen had liggen. Het was dan ook een heel vreemde ervaring toen ik daar voor de deur stond. Zo heeft ook mijn familie daar vele jaren geleden gestaan. De hal leek niet veel veranderd. Alles was groot en ruim. De schuifdeuren tussen de twee grote zitkamers waren nog aanwezig. De tegeltjes in de keuken en wc waren zonder twijfel dezelfde die zij daar ooit zagen. Zelfs delen van het meubilair konden nog door hen zijn achtergelaten. Het enige dat zij beslist niet hadden gezien waren de zonnepanelen op het dak.
We troffen het bijzonder met het weer en hebben dan ook vaak in de geweldig grote tuin kunnen zitten. Wanneer wij de behoefte hadden even lekker alleen te zijn dan bood het huis daar genoeg ruimte voor. Je hoefde maar de weg over te steken om via smalle bospaadjes naar het strand of naar het dorp te kunnen wandelen. In de omgeving was het schitterende natuurgebied 'Oranjezon' waar we verschillende wandelroutes hebben gevolgd. Een bezoek aan het nabijgelegen Veere was ook beslist de moeite waard. Kortom.... het was helemaal vakantie!
donderdag 19 juli 2012
De beste Maatjes.
Al meerdere malen schreef ik in deze blogs over mijn Beweegmaatje. Met haar kwam ik in contact via het internet doordat wij allebei iemand zochten met wie wij wekelijks flinke, stevige wandelingen konden maken, in de omgeving en wat verder weg. Al na de eerste wandeling was het duidelijk dat het klikte. Zelfde tempo, zelfde afstanden, zelfde belangstelling en..... wat toch wel het belangrijkste is, het samen intens kunnen genieten van al het moois dat we tijdens die wandelingen tegenkomen. Gedeelde pret is dubbele pret!
Gisteren introduceerde ik al mijn Gezelligheidmaatje. Regelmatig wisselen wij bij een kopje thee of koffie, niet zelden in combinatie met zoete lekkermijen, ons wel en wee uit en soms gaan we samen de grote stad in of naar een bioscoop- of toneelvoorstelling. Wij kunnen bij elkaar steen en been klagen over het weer en over het ouder worden, maar kunnen er gelukkig ook hartelijk om lachen. Naast deze lijfelijke ontmoetingen, meerdere malen per week, hebben wij dagelijks e-mailcontact om elkaar te laten weten dat we nog bestaan.
Ik ben in het gelukkige bezit van nog meer maatjes.
Mijn Saunamaatje, de naam spreekt voor zichzelf. Met haar ga ik regelmatig richting Almere om het luie zweet kwijt te raken en zij vind het heerlijk wanneer ik bij die gelegenheid haar rug stevig masseer met scrubzout totdat die helemaal rood ziet. Het is een zwijgzaam type, maar niet heus, zodat na afloop ook mijn oren gloeien.
Dan is er een Computermaatje. Ik help haar soms met computerproblemen en het fijne van haar is dat zij dan niet ondertussen passief zit toe te kijken, maar creatief meedenkt en zelf ook een heel duidelijk aandeel heeft in de oplossing van de problemen. Zij heeft van mij het bewerken van foto's geleerd; inmiddels kan ik op dit gebied heel veel van haar leren.
Mijn Warmtemaatje en ik hebben allebei een groot verlies meegemaakt en voelen als geen ander aan hoe dat is. In een heerlijk warme knuf kunnen wij elkaar troost en begrip geven. Maar ook over luchtiger zaken als haar kippen, rommelmarktjes en de computer kunnen we gezellig babbelen. Ze neemt vaak zelfgeplukte bloempjes voor me mee.
Allemaal vrouwen?
Neen. Ik heb een mannelijk Borrelmaatje. Hij heeft voor mij, toen ik geplaagd werd door een hevige buikgriep, de wc schoon gemaakt en dat vergeet ik nooit. We kunnen, onder het genot van een lekker borreltje, elkaar onze vakantiefilmpjes tonen op de computer en over van alles praten. Computers, de tuin en ja.... ook over vrouwen. Ik ben, zo zegt hij, de enige (naast zijn vrouw) voor wie hij geen geheimen heeft en dat is natuurlijk best fijn om te horen.
Eén van mijn vele toverlantaarnkennissen beschouw ik als een maatje. Misschien omdat wij allebei echte gevoelsmensen zijn en niet in de laatste plaats omdat wij hetzelfde gevoel voor humor hebben. Niet te tellen hoe vaak wij elkaar reeds in een deuk hebben laten liggen met ons ronduit kolderiek gedrag. Ik noem hem dus maar mijn Koldermaatje. Wanneer mijn blog een tijdje in de versukkeling is geraakt is hij meestal degene die mij weer aanspoort te gaan schrijven.
Dan is er nog mijn oude Schoolmaatje die nu al vele jaren samenwoont met een vriend. Een jaar of vijf geleden werd het contact hernieuwd toen we een reunie organiseerden van de Christelijke Jeugdvereniging waar we allebei lid van waren. Ze wonen wat verder weg en daarom logeren we soms een weekendje bij elkaar. Ze sturen mij regelmatig in hun mailtjes 'veel liefs'.
Ik ben een rijk man met al die Maatjes en dat besef ik. Zij zijn mij zeer dierbaar, zij zijn mij lief.
Gisteren introduceerde ik al mijn Gezelligheidmaatje. Regelmatig wisselen wij bij een kopje thee of koffie, niet zelden in combinatie met zoete lekkermijen, ons wel en wee uit en soms gaan we samen de grote stad in of naar een bioscoop- of toneelvoorstelling. Wij kunnen bij elkaar steen en been klagen over het weer en over het ouder worden, maar kunnen er gelukkig ook hartelijk om lachen. Naast deze lijfelijke ontmoetingen, meerdere malen per week, hebben wij dagelijks e-mailcontact om elkaar te laten weten dat we nog bestaan.
Ik ben in het gelukkige bezit van nog meer maatjes.
Mijn Saunamaatje, de naam spreekt voor zichzelf. Met haar ga ik regelmatig richting Almere om het luie zweet kwijt te raken en zij vind het heerlijk wanneer ik bij die gelegenheid haar rug stevig masseer met scrubzout totdat die helemaal rood ziet. Het is een zwijgzaam type, maar niet heus, zodat na afloop ook mijn oren gloeien.
Dan is er een Computermaatje. Ik help haar soms met computerproblemen en het fijne van haar is dat zij dan niet ondertussen passief zit toe te kijken, maar creatief meedenkt en zelf ook een heel duidelijk aandeel heeft in de oplossing van de problemen. Zij heeft van mij het bewerken van foto's geleerd; inmiddels kan ik op dit gebied heel veel van haar leren.
Mijn Warmtemaatje en ik hebben allebei een groot verlies meegemaakt en voelen als geen ander aan hoe dat is. In een heerlijk warme knuf kunnen wij elkaar troost en begrip geven. Maar ook over luchtiger zaken als haar kippen, rommelmarktjes en de computer kunnen we gezellig babbelen. Ze neemt vaak zelfgeplukte bloempjes voor me mee.
Allemaal vrouwen?
Neen. Ik heb een mannelijk Borrelmaatje. Hij heeft voor mij, toen ik geplaagd werd door een hevige buikgriep, de wc schoon gemaakt en dat vergeet ik nooit. We kunnen, onder het genot van een lekker borreltje, elkaar onze vakantiefilmpjes tonen op de computer en over van alles praten. Computers, de tuin en ja.... ook over vrouwen. Ik ben, zo zegt hij, de enige (naast zijn vrouw) voor wie hij geen geheimen heeft en dat is natuurlijk best fijn om te horen.
Eén van mijn vele toverlantaarnkennissen beschouw ik als een maatje. Misschien omdat wij allebei echte gevoelsmensen zijn en niet in de laatste plaats omdat wij hetzelfde gevoel voor humor hebben. Niet te tellen hoe vaak wij elkaar reeds in een deuk hebben laten liggen met ons ronduit kolderiek gedrag. Ik noem hem dus maar mijn Koldermaatje. Wanneer mijn blog een tijdje in de versukkeling is geraakt is hij meestal degene die mij weer aanspoort te gaan schrijven.
Dan is er nog mijn oude Schoolmaatje die nu al vele jaren samenwoont met een vriend. Een jaar of vijf geleden werd het contact hernieuwd toen we een reunie organiseerden van de Christelijke Jeugdvereniging waar we allebei lid van waren. Ze wonen wat verder weg en daarom logeren we soms een weekendje bij elkaar. Ze sturen mij regelmatig in hun mailtjes 'veel liefs'.
Ik ben een rijk man met al die Maatjes en dat besef ik. Zij zijn mij zeer dierbaar, zij zijn mij lief.
woensdag 18 juli 2012
Herrie.
Nooit geweten dat er zoveel herrie om mij heen was. Gisteren heb ik, nadat ik dat vele jaren lang heb uitgesteld omdat ik al wist waar het op uit zou draaien, de gang naar de audicien gemaakt om mij door hem, voorlopig op proef, een hoorapparaat te laten aanmeten. Mijn eerste indruk is kort en goed: een Ramp!
Een eenvoudige rondgang door je huis wordt een survivaltocht. Het doortrekken van de wc.... de Niagara is er niets bij. De traptreden kraken zo vervaarlijk dat je verwacht er ieder moment doorheen te zullen zakken. Een kopje neerzetten klinkt als granaatvuur. Het tikken van de klok wordt een dreigende tijdbom. Ik heb mij moeten bedwingen om hem niet, zoals je in spannende films ziet, op het laatste moment het raam uit te gooien.
Het ritselen van mijn kleding, het strijken door mijn haar, het lopen over het laminaat, het wordt allemaal duizendmaal versterkt zodat ik er een barstende hoofdpijn van krijg en er doodmoe van wordt. Even lekker onderuit gaan op de bank kan niet meer want dan zitten die apparaatjes in de weg. In de supermarkt zou je willen roepen: 'Doe eens een beetje rustig met die karretjes!' Het allervervelendste is nog dat ik bij het spreken mijn eigen stem hoor, blikkerig en net iets later, net als bij een slechte telefoonverbinding via het internet.
En dan het gedoe er om heen. Het lastige in- en uitdoen. Er op letten dat je er niet mee in de regen loopt of onder de douche stapt. Het schoonmaken 's avonds, de angst er ongemerkt één te zullen verliezen; je loopt toch al gauw rond met zo'n duizend euro achter je oor geplakt en achter het andere oor zit nog eens dat bedrag. Zorgen dat je altijd batterijtjes bij je hebt. Even lekker peuteren in je oor wanneer het daar jeukt kan ook niet meer want dan duw je dat luidsprekertje door je trommelvlies.
Toegegeven, zo'n hoorapparaat is tegenwoordig een stukje techniek waar ik m'n petje voor afneem. In mijn jeugd liepen de slechthorende ouderen met een kastje rond dat een stuk groter en zwaarder was dan een pakje sigaretten. Nu zit alles in een vleeskleurig frummeltje dat niets weegt en dat je vrijwel onzichtbaar achter je oor kunt verstoppen. Een dun slangetje gaat je oor binnen naar het minuscule luidsprekertje. Een technisch hoogstandje dus, maar toch.......... het is en blijft een Ramp; niets voor mij.
Het leven zonder hoorapparaat is niet gemakkelijk. Al verscheidene malen moest Beweegmaatje mij op het laatste moment van het fietspad rukken, vlak voor een aanstormende fietser weg. 'Waarom belt die gek dan niet?' 'Hij heeft gebeld.' Op verjaardagen mis ik vrijwel de hele conversatie. Wanneer ik met Gezelligheidmaatje naar een theatervoorstelling ben geweest moet zij mij na afloop vertellen waarover het ging. Bij de tv moet ik de ondertitels inschakelen en zo zijn er nog talloze ongemakken. Toch denk ik dat ik dit alles prefereer boven de ongemakken van een hoorapparaat. Ik heb nog twee weken om het uit te proberen.
Een eenvoudige rondgang door je huis wordt een survivaltocht. Het doortrekken van de wc.... de Niagara is er niets bij. De traptreden kraken zo vervaarlijk dat je verwacht er ieder moment doorheen te zullen zakken. Een kopje neerzetten klinkt als granaatvuur. Het tikken van de klok wordt een dreigende tijdbom. Ik heb mij moeten bedwingen om hem niet, zoals je in spannende films ziet, op het laatste moment het raam uit te gooien.
Het ritselen van mijn kleding, het strijken door mijn haar, het lopen over het laminaat, het wordt allemaal duizendmaal versterkt zodat ik er een barstende hoofdpijn van krijg en er doodmoe van wordt. Even lekker onderuit gaan op de bank kan niet meer want dan zitten die apparaatjes in de weg. In de supermarkt zou je willen roepen: 'Doe eens een beetje rustig met die karretjes!' Het allervervelendste is nog dat ik bij het spreken mijn eigen stem hoor, blikkerig en net iets later, net als bij een slechte telefoonverbinding via het internet.
En dan het gedoe er om heen. Het lastige in- en uitdoen. Er op letten dat je er niet mee in de regen loopt of onder de douche stapt. Het schoonmaken 's avonds, de angst er ongemerkt één te zullen verliezen; je loopt toch al gauw rond met zo'n duizend euro achter je oor geplakt en achter het andere oor zit nog eens dat bedrag. Zorgen dat je altijd batterijtjes bij je hebt. Even lekker peuteren in je oor wanneer het daar jeukt kan ook niet meer want dan duw je dat luidsprekertje door je trommelvlies.
Toegegeven, zo'n hoorapparaat is tegenwoordig een stukje techniek waar ik m'n petje voor afneem. In mijn jeugd liepen de slechthorende ouderen met een kastje rond dat een stuk groter en zwaarder was dan een pakje sigaretten. Nu zit alles in een vleeskleurig frummeltje dat niets weegt en dat je vrijwel onzichtbaar achter je oor kunt verstoppen. Een dun slangetje gaat je oor binnen naar het minuscule luidsprekertje. Een technisch hoogstandje dus, maar toch.......... het is en blijft een Ramp; niets voor mij.
Het leven zonder hoorapparaat is niet gemakkelijk. Al verscheidene malen moest Beweegmaatje mij op het laatste moment van het fietspad rukken, vlak voor een aanstormende fietser weg. 'Waarom belt die gek dan niet?' 'Hij heeft gebeld.' Op verjaardagen mis ik vrijwel de hele conversatie. Wanneer ik met Gezelligheidmaatje naar een theatervoorstelling ben geweest moet zij mij na afloop vertellen waarover het ging. Bij de tv moet ik de ondertitels inschakelen en zo zijn er nog talloze ongemakken. Toch denk ik dat ik dit alles prefereer boven de ongemakken van een hoorapparaat. Ik heb nog twee weken om het uit te proberen.
woensdag 11 juli 2012
Wat je ook doet....
Wat je ook doet, je doet het nooit goed.
Zoals inmiddels bekend mag worden geacht verplaats ik mij gaarne te voet. Ik weet dan ook precies hoe het is om, wanneer je lekker aan het kuieren bent en met je gedachten in hoger sferen vertoeft, plotseling, naar het lijkt vlak achter je, de scherpe ping van een fietsbel te horen. Je schrikt je echt wezenloos! Ik ben dan ook zelf, in mijn rol van fietser, uiterst terughoudend geworden in het gebruik van mijn bel. Nadat ook ik diverse argeloze wandelaars bijna een hartverzakking had bezorgd en daarop regelmatig niet voor publicatie geschikte verwensingen naar mijn hoofd geslingerd had gekregen, verving ik de grote bel op mijn stuur voor een kleiner exemplaar.
Vorige week moest ik een echtpaar passeren dat op en fietspad wandelde. Er was ruimte genoeg om hen voorbij te rijden en dus belde ik niet. 'Hé lul.........., kun je niet bellen? werd mij achterna geroepen. Ik keek nog wat verontschuldigend achterom. Ze stonden daar met van woede vertrokken gezichten dus het leek me niet het moment hen mijn goede bedoelingen kenbaar te gaan maken. Wat je ook doet..................
Zoals inmiddels bekend mag worden geacht verplaats ik mij gaarne te voet. Ik weet dan ook precies hoe het is om, wanneer je lekker aan het kuieren bent en met je gedachten in hoger sferen vertoeft, plotseling, naar het lijkt vlak achter je, de scherpe ping van een fietsbel te horen. Je schrikt je echt wezenloos! Ik ben dan ook zelf, in mijn rol van fietser, uiterst terughoudend geworden in het gebruik van mijn bel. Nadat ook ik diverse argeloze wandelaars bijna een hartverzakking had bezorgd en daarop regelmatig niet voor publicatie geschikte verwensingen naar mijn hoofd geslingerd had gekregen, verving ik de grote bel op mijn stuur voor een kleiner exemplaar.
Vorige week moest ik een echtpaar passeren dat op en fietspad wandelde. Er was ruimte genoeg om hen voorbij te rijden en dus belde ik niet. 'Hé lul.........., kun je niet bellen? werd mij achterna geroepen. Ik keek nog wat verontschuldigend achterom. Ze stonden daar met van woede vertrokken gezichten dus het leek me niet het moment hen mijn goede bedoelingen kenbaar te gaan maken. Wat je ook doet..................
dinsdag 10 juli 2012
maandag 9 juli 2012
Het zal mij (geen) worst wezen.
De worst was dus bedoeld voor de avonduren, maar vanmiddag al settelde ik mij op de bank met in de ene hand de worst en in de andere hand een mes. Na de eerste plak volgde de tweede en daarna ging het in een rap tempo totdat een toenemend gevoel van misselijkheid mij dwong met deze weerzinwekkende bezigheid te stoppen.
![]() |
| Honi soit qui mal y pense. |
woensdag 4 juli 2012
Snertweer.
We zijn tot nu toe dit jaar niet bepaald rijkelijk bedeeld geweest met zomerse dagen, maar vandaag was het er dan toch zo één. Lekker in de tuin gezeten, nog een wandeling gemaakt, een gezellige en lange skype-babbel met een vriend in luchtige kledij.... helemaal echt zomer.
En dan is het tijd om de avondmaaltijd te gaan bereiden en blijkt dat ik erg weinig in huis heb. M'n blik valt op een blik. Erwtensoep! Kan dat wel op zo'n prachtige zomerdag als deze? Vast wel. Voor erwtensoep kun je me altijd wel wakker maken en de seizoenen zijn in Nederland toch al geruime tijd volkomen in de war.... openmaken maar dat blik!
Gezeten in de fleurige tuinstoel op mijn nog steeds door een mild zonnetje gekoesterd terras heb ik het mij goed laten smaken. Het was vandaag dus toch weer een snertdag!
En dan is het tijd om de avondmaaltijd te gaan bereiden en blijkt dat ik erg weinig in huis heb. M'n blik valt op een blik. Erwtensoep! Kan dat wel op zo'n prachtige zomerdag als deze? Vast wel. Voor erwtensoep kun je me altijd wel wakker maken en de seizoenen zijn in Nederland toch al geruime tijd volkomen in de war.... openmaken maar dat blik!
Gezeten in de fleurige tuinstoel op mijn nog steeds door een mild zonnetje gekoesterd terras heb ik het mij goed laten smaken. Het was vandaag dus toch weer een snertdag!
zondag 1 juli 2012
Zwembroek gezocht.
Op zoek naar een zwembroek ontdekte ik dat het in die sector al niet veel beter gesteld is. Pas na tientallen minuten vruchteloos zoekend langs de kledingrekken te hebben geschuifeld kwam ik er achter dat die rare driekwart broeken die daar hingen verkocht werden als zwembroeken.

Oké, na wat shoppen op het internet ontdekte ik dat ze nog wel bestaan, de gewone, echte zwembroeken, maar je moet er wel naar zoeken. Dat doe ik dan maar. Mijn gespierde wandel-dijen mogen best gezien worden!
Abonneren op:
Posts (Atom)







